Studiehoek‎ > ‎

1ste kup: rood-zwarte tie

Theorie te kennen:

Algemeen:

Taegeuk Pal jang = achtste taegeuk "De aarde"

Dwichuk = Onderkant van de hiel

Balnal = Meskant van de voet

Balnaldeung = Binnenzijde, onderkant van de voet

Dwikkumchi = Hiel (achterkant)

Balbadak = Voetzool

Kodureo = afweer met versteviging

Praktijk te kennen:
Taegeuk pal jang alleen kunnen uitvoeren.

Standen:

Koa seogi = gekruiste stand

·        Ap Koa seogi = gekruiste stand, voor aansluitend

Blokken:

Bakkat palmok kodureo momtong/arae makki = verstevigde afweer met buitenkant onderarm in middenzone of lage zone

Oesanteul makki = berg afweer met twee armen

Slag:

Palkup olgul dollyo chigi = draaiende slag met elleboog in hoge zone

Stoten:

Dangkyo teok jireugi = opstoot naar de kin terwijl de andere hand vastgrijpt

Trappen:

Twio chagi = gesprongen trap

-      twio ap chagi = gesprongen voorwaartse trap

-      twio yop chagi = gesprongen zijwaartse trap

-      twio dollyo chagi = gesprongen cirkeltrap

-      twio momdollyo chagi = gesprongen rugwaarts draaiende trap

Kyorugi = Vrij sparren

2 x 2 minuten vrij sparren

Hanbon kyorugi seogi = 1-stapstechnieken met de hand

8 technieken

Hanbon kyorugi chokki = 1-stapstechnieken met de voet

8 technieken

Hosinsul = Zelfverdediging

8 technieken en 2 tegen wapens

Kyokpa = Breektest

2 opgelegde traptechnieken (minstens 1 hoge gesprongen) en vuist op houten plank (1,5 cm voor vrouwen en 2 cm voor mannen).