Studiehoek‎ > ‎

2de kup: rode tie

Theorie te kennen:

Algemeen:

Taegeuk Chil jang = zevende taegeuk "De berg"

Mureup = Knie

Kawi = schaar

Otgoreo = gekruiste afweer

 

Praktijk te kennen:
Taegeuk chil jang alleen kunnen uitvoeren.

Standen:

Beom seogi = tijgerstand

Moa seogi = gesloten stand

Blokken:

Sonnal arae makki = lage afweer met beide meshanden

Kawi makki = schaarafweer: an palmok momtong bakkat makki met de ene arm en arae makki met de andere arm

Bakkat palmok momtong hecho makki = buitenwaartse gespreide afweer op middenhoogte met de buitenkant van de onderarmen

Otgoreo arae makki = gekruiste lage afweer

Slag:

Deungjumeok dwigyo apchigi = voorwaartse slag met rugzijde van de hand, terwijl de andere vuist de slagarm ondersteunt

Deungjumeok olgul bakkat chigi = buitenwaartse slag met rugzijde van de hand in de hoge zone

Mureup ap chigi = voorwaartse kniestoot

Stoten:

Dujumeok jeocho jireugi = dubbele stoot met omgekeerde vuist

Momtong yop jireugi = zijwaartse stoot in de middenzone

Bojumeok =  rechtervuist in linkerhand t.h.v. kin

Trappen:

Pyojeok chagi = “doel”trap, wordt steeds met de voetzool getrapt. Er vindt geen buig – strek – buig - beweging plaats, zoals bij de uitvoering van de meeste andere trappen. Het been is en blijft licht gebogen tijdens de uitvoering.

Kyorugi = Vrij sparren

2 x 2 minuten vrij sparren

Hanbon kyorugi seogi = 1-stapstechnieken met de hand

7 technieken

Hanbon kyorugi chokki = 1-stapstechnieken met de voet

7 technieken

Hosinsul = Zelfverdediging

7 technieken en 2 tegen wapens

Kyokpa = Breektest

2 opgelegde traptechnieken (minstens 1 gesprongen) en vuist op houten plank (1,5 cm voor vrouwen en 2 cm voor mannen).